Bij Straat Consulaat staan we naast mensen die dakloos of dreigend dakloos zijn. Dat betekent: een luisterend oor, meegaan naar een belangrijk gesprek, of hulp bij praktische regelzaken. En soms betekent het ook: ondersteunen bij een inspreekmoment in de Haagse gemeenteraad.
Onze cliëntondersteuners helpen mensen om hun stem te laten horen wanneer dat nodig is. Want wie zelf ervaring heeft met dakloosheid, weet als geen ander waar beleid in de praktijk faalt of schuurt. En waar ruimte voor oplossingen zit.
Zo sprak Willem onlangs in tijdens een commissievergadering van de gemeenteraad. Hij vertelde zijn persoonlijke verhaal en deed een oproep aan de gemeente om samen tot een passende oplossing te komen voor een probleem waar hij tegenaan loopt – een probleem dat wat ons betreft helemaal geen probleem zou hoeven zijn. Wat dat probleem is, lees je hieronder. Dit is de oproep die Willem zelf, in zijn eigen woorden, heeft overgebracht.
Geachte Burgemeester, wethouders en raadsleden,
Mijn naam is Willem. Ik ben 81 jaar en al jarenlang dakloos. Ik ben nu hier om aan U als raad aandacht te vragen voor mijn omstandigheid.
Jaren geleden heb ik van de toenmalige burgemeester toestemming gekregen om te verblijven op een perceel aan het (…)plein. Ik was toen erg druk met het restaureren van mijn boot waar ik na restauratie op wilde gaan wonen. Ik heb uiteindelijk ongeveer 11 jaar op deze locatie gestaan tot de boel door daar illegaal verblijvende personen in de brand is gestoken. Alles wat ik nog aan bezit had is bij deze brand verloren gegaan. Ik heb van de brandstichting aangifte gedaan bij de politie.
Door deze traumatische ervaring ben ik zeer aangedaan. Ik heb hier nog steeds veel last van. Samen met de gemeente en het straatteam zijn we op zoek gegaan naar een oplossing voor mijn omstandigheid. De gemeente heeft met hulp van Veldwerk Haaglanden een zeilbootje aangeschaft waar ik eventueel gebruik van kan maken. Het betreffende bootje heeft echter onderhoud nodig en zou uit het water gehaald moeten worden om grondig opgeknapt te worden. Naast de staat van onderhoud is ook de huidige ligplaats niet veilig.
Onlangs ben ik gaan kijken op de plek aan het (…)plein waar ik heel lang gestaan heb. De buurman die ik ook al jaren ken staat daar nog steeds. Ik zou graag naar deze plek terug willen. Ik voel me daar vertrouwd en kan op deze locatie ook in alle rust aan het bootje werken wat de gemeente nu voor mij heeft aangeschaft. Het enige wat ik daarvoor nodig heb is dat het terrein voorzien wordt van nuts voorzieningen (elektriciteit en water) en het bootje daar naartoe vervoerd wordt. Ik kan dan op het bootje slapen en overdag de reparaties uitvoeren.
Mijn huidige omstandigheid is voor mij gezien mijn leeftijd ondraaglijk aan het worden. Vanaf de brand verblijf ik buiten. Ook in de koude wintermaanden heb ik buiten geslapen. En nu in de warmte ben ik ook 24/7 buiten. Ik maak verder geen enkel gebruik van ondersteuning en of begeleiding, ik ga nooit naar de opvang en maak ook geen gebruik van de WKR en of PWO. Wat ik wil is ook niet zo heel complex. Een plek waar ik rustig aan het bootje kan werken. Een plek waar ik me op mijn gemak voel, een plek die ik heel goed ken. Ik ben niemand tot last, de plek die ik daar had is mij door vandalen ontnomen. Alles wat ik bezat ben ik toen kwijtgeraakt. Nu wil ik een nieuwe kans en vind ook eigenlijk dat ik die kans verdien.
Marius over het Straat Bakkie als plek van ontmoeting: “Hier komen werelden samen”
Hulporganisaties vragen aandacht voor vergeten groepen daklozen: ‘Hun problemen worden genegeerd’
Dakloosheid blijft een complex probleem in Den Haag. Eerder werden er in de stad al iets meer dan zesduizend dak- en thuisloze mensen geteld, veel meer dan eerder zichtbaar was met onder hen ook queer jongeren en dakloze zieken. Tijdens een verhalenavond in Vadercentrum Adam, staan twee hulporganisaties dinsdagavond stil bij deze groepen.
Wooncrisis en volle opvang: waarom kwetsbare moeders en hun kinderen dakloos blijven
Wat kan de gemeente doen voor kinderen die zonder vaste woonplek opgroeien? Wethouder Zita Pels van Amsterdam pleit niet alleen voor meer sociale huur, maar ook voor landelijk ingrijpen: “Moeders en kinderen zijn hét nieuwe gezicht van dakloosheid.”




